Jos Heutinck, Bart Stevens en Martin Booiman. (foto: Roel Kleinpenning)
Jos Heutinck, Bart Stevens en Martin Booiman. (foto: Roel Kleinpenning) (Foto: Roel Kleinpenning)

Jong, onverschrokken en ongehuwd

Gaanderen - Pastoor Luyckx was ooit de aanstichter. Hij ging in 1871 van start met de compagnie Sint Martinus. Dertien 'vrijgezelle jongens' werden direct lid. Tenminste, voor zover Bart Stevens, Jos Heutinck en Martin Booiman hebben kunnen nagaan. "We menen dat er in het begin dertien zijn geweest, maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat we ze op oude foto's nooit allemaal hebben kunnen vinden."

door Nick Moritz

Volgend jaar viert schuttersgilde Sint Martinus Gaanderen het 150 jarig bestaan. Booiman, Heutinck en Stevens zijn daar al sinds tijden druk mee in de weer. Zij stellen een boek samen waarin de geschiedenis van het gilde uit de doeken wordt gedaan. "Vooral Jos is al heel lang bezig om een archief voor de vereniging samen te stellen. Hij heeft zoveel materiaal dat het samenstellen van een boek heel logisch werd. Na een oproep onder de leden kwamen er nog veel extra verhalen en foto's boven water. Voor leden is het straks een boek vol herkenning, voor anderen een mooi stukje geschiedenis van Gaanderen."

Sint Martinus is tegenwoordig een bloeiende vereniging met in totaal zo'n 160 leden. Daarbij valt op dat de jeugd de laatste jaren weer veel interesse toont. "De afdelingen hand- en kruisboogschieten en luchtgeweer zijn erg in trek. Maar we maken ook muziek en houden daarbij het vaandel zwaaien in ere. Een vereniging als deze is in het dorp belangrijk voor de sociale binding. Jong en oud ontmoeten elkaar. Niet alleen binnen de eigen club, maar ook op concoursen in de regio tot in het buitenland toe."

Zo is het in 1871 niet begonnen. Compagnies en schutterijen werden in die tijd als serieuze onderdelen van de landweer opgericht. "Het moesten jonge kerels zijn. Onverschrokken en ongehuwd. Er werd met de wapens geoefend om als bescherming voor het dorp te kunnen dienen en eventueel te kunnen bijspringen bij brand of watersnood. Daar hadden ze bepaald geen dagtaak aan dus werden ze door de pastoor ook ingezet voor hand- en spandiensten bij het werk voor de kerk. Als dank was er elk jaar een feestje, daar is al vrij snel de jaarlijkse kermis uit ontstaan."

De taak van de landweer werd in 1901 definitief geschrapt. Vanaf dat moment werden de sociale betekenis en de kermis nog belangrijker. In het boek worden vele foto's van evenementen opgenomen waar de oudere inwoners uit Gaanderen familie en kennissen op zullen herkennen. "Wij waren zelf ook verrast door veel foto's. Dan herken je opeens jezelf terug op een foto waar je als klein jochie met een vlag, gemaakt van een oud laken, aan een bezemsteel staat te zwaaien voor Pastoor Röling. Dat was in 1959, ook toen hadden we al een jeugdcorps."

Grasduinen in het verleden levert mooie verhalen op. De drie heren willen er nog niet teveel over kwijt. "We gaan de inhoud van het boek niet verklappen. Het is mooi om er mee bezig te zijn. Er is vroeger veel historisch materiaal weg gemieterd. We zijn blij met wat we weer hebben teruggevonden."

Meer berichten