Ben Beijer kijkt uit op de Walmolen vanaf zijn appartement. (foto: Roel Kleinpenning)
Ben Beijer kijkt uit op de Walmolen vanaf zijn appartement. (foto: Roel Kleinpenning) (Foto: Roel Kleinpenning)
Ben Beijer bekijkt 't anders

Ben Beijer bekijkt 't anders: Pasen

Komende zondag is het weer Pasen. Vroeger was er kans dat je dan nieuwe kleding kreeg, je moest er immers op z’n paasbest uitzien als je naar de kerk ging. Wij waren als jongens altijd blij dat we na de dienst onze gewone kleren aan mochten omdat we dan konden gaan spelen op de bult of in het bos.

Het was ook de tijd dat we zelf vliegers maakten en daar mee door de weilanden renden. Als je pech had moest je ’s middags weer je goede kleren aan omdat er nog een kerkdienst was.

Wat Pasen betekende? De tuin was aan kant, ’s morgens beierden de klokken die weer terug waren en gingen we paaseitjes zoeken die de paashaas verstopt had. ‘s Middags bij oma en opa opnieuw eitjes zoeken. Pasen of Pinksteren waren wij al weer vergeten als wij naar buiten renden.

Wij moesten er vaak aan denken als wij met onze kinderen naar oma gingen, die zo dement was als een draaideur, maar ondanks alles, het stralende middelpunt bleef. Oma was ’s morgens bij het ontbijt haar ei al kwijt dat ze zelf verstopt had. Als wij dan als verrassing ook nog chocolade-eitjes bij ons hadden keek zij heel verbaasd hoe wij die zo snel hadden gevonden terwijl zij ‘het hele huis’ al had afgezocht. ‘Dat hele huis’ was de kamer die zij deelde met een andere bewoonster, maar aangezien haar stoel en haar tv er stonden, voelde als haar huis.

Onze kleinzoontjes van bijna 10 hebben geen beeld waar Pasen en Pinksteren voor staan. Bij het kerstfeest hebben ze in ieder geval nog een idee, maar die andere kerkelijke dagen boeien niet. Jammer? Ach, ik weet het niet, we praten met hen over zaken die wij met onze ouders nog niet bespraken toen wij tieners waren. Over een tijdje hoop ik hen wel weer te horen roepen naar elftalgenootjes: "Hé jongens, niet pingelen maar pasen."

Goed gaon.

Meer berichten