Afbeelding

Jeugdoverlast

Opinie

Burgemeester, in Doetinchem is sprake van overlast door jeugdgroepen. Is dat een nieuw fenomeen en neemt het toe?
“Het is een fenomeen van alle tijden. Als je de oudere generatie vraagt of er in hun tijd overlast van jeugd was dan denk ik dat het antwoord bevestigend is. Toen ik hier in 2017 kwam was er in de binnenstad sprake van een heel vervelende en hardnekkige jeugdgroep. Die had ook al criminele kenmerken. Dat hebben we toen met succes aangepakt door de hele keten met hulp van jongerenwerkers, politie en justitie. Het probleem met dit soort overlast is dat wat je op één plek onderdrukt op een andere plaats weer de kop opsteekt. Daar past wel een opmerking bij. Er zijn twee soorten overlast. Jeugd die zich ergens verzameld, luid spreekt, harde muziek draait en af en toe met een knetterende brommer of scooter er vandoor gaat. Dat kan heel vervelend zijn maar dat is van een andere orde dan een jeugdgroep die crimineel gedrag vertoont en bijvoorbeeld actief is in drugs of afpersing van andere jongeren. Die laatste vorm komt in Doetinchem helaas ook voor.”

Hebt u een idee wie de veroorzakers zijn?
“We hebben het niet over hangjeugd. Een jeugdgroep die crimineel gedrag vertoont heeft doorgaans een bepaalde hiërarchie met leiders, adjudanten en volgers. Vaak staan ze in verbinding met andere criminele organisaties. Soms worden zulke groepen gebruikt om kinderen op te leiden voor een criminele loopbaan. Het wordt dan van kwaad tot erger en het is daarom erg belangrijk dat je zo’n groep vroeg signaleert en ingrijpt. Het begint soms al bij kinderen van tien of elf jaar en het gaat door tot jongvolwassenen. Soms kennen ze elkaar uit hun woonomgeving en soms leren ze elkaar kennen door een plek waar jongeren elkaar treffen zonder dat er een logisch verband is.”

Bieden de wet en de APV voldoende mogelijkheden om tegen jeugdoverlast op te treden?
“We hebben aardig zicht op jeugdgroepen. De politie spreekt hen aan en vraagt om  identificatie. Vanaf 14 jaar hebben ze een ID-kaart. Als je dezelfde jongeren vaker tegenkomt krijg je een groep beter in beeld. De wet en de APV bieden ons voldoende mogelijkheden om tegen overlast op te treden, zowel preventief als repressief. Als er overlast is kun je de veroorzakers vorderen om te vertrekken. Op die leeftijd hebben kinderen het meeste baat bij een preventieve aanpak. We betrekken dan bijvoorbeeld ook ouders bij en kijken naar een zinvolle dagbesteding (school, werk, extra activiteiten na school). Het is meestal niet makkelijk om ze uit hun sociale omgeving los te weken.”

Wat wilt u voorkomen?
“We willen ze op het rechte pad terugbrengen en zo voorkomen dat ze in verkeerde handen terechtkomen. Als ze op de ingeslagen weg verder gaan kan dat op termijn tot detentie leiden. Snelle opsporing en ze uit het circuit halen is belangrijk. Als ze eenmaal in de leiding komen is het moeilijk ze nog te pakken te krijgen. Dat moet gebeuren als ze nog volgers zijn.”

Komt er een speciale aanpak?
“We werken samen met jeugd- en jongerenwerker, BUHA, politie en OM aan een integrale aanpak. Snelle opsporing is van het allergrootste belang. Ik geloof meer in preventie dan repressie maar soms moet je harde maatregelen niet schuwen. We moeten wel beseffen dat het om minderjarigen gaat.”

Tekst: Bert Vinkenborg

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant