Apotheek met gaper. Foto: Peter van Ooik
Apotheek met gaper. Foto: Peter van Ooik

De gaper van Zutphen

INTRO
Ons leven speelt zich voor een groot deel af in gebouwen. Soms zijn ze puur functioneel, sommige gebouwen zijn er om mee te pronken, terwijl anderen ze juist afzichtelijk vinden. Achter vrijwel elk gebouw schuilt een verhaal. Architect Edy Kwak neemt voor Achterhoek Nieuws een kijkje bij een bijzonder gebouw in de regio. Deze keer de gaper van Zutphen.                                                                                            

ZUTPHEN - Onlangs liep ik in Zutphen door de Sprongstraat en zag ik een mooi oud pandje. Art Deco achtige stijl met mooie raamverdeling en glas-in-lood ramen met een restant Jugendstil. De markiezen in wit groene kleur harmonieerden fraai met het houtwerk en de baksteen. Het grote uitstekende reclamebord en de opgebouwde elektrische leidingen van de gevelverlichting stoorden me wel, maar het bovenlicht van de deur liet mijn hart sneller kloppen. De raamtekst ‘DE OUDE GAPER’ gaf aan dat hier was vroeger een drogisterij of apotheek was gevestigd.

Een grote gaperkop aan de gevel met een apothekersmuts en een minzaam lachend gezicht van de ondernemer in het raam opgenomen. Jeugdherinneringen kwamen direct in mij op, dat was ook in ‘mijn’ dorp, wel vier gapers kwamen mij voor de geest. Waar komt dit gebruik vandaan? 

Al vanaf de 16e eeuw probeerden winkeliers, handelaren, ambachtslieden de aandacht te trekken met uithangborden omdat er nog geen systeem van huisnummering was en de mensen niet konden lezen.

Een huis voorzien van een uithangschild en werd bijvoorbeeld aangeduid als ‘onder de Lindeboom, ‘in de Gouden Leeuw. Al snel werd het uithangbord gekoppeld aan het beroep of de handel die in dat huis was te vinden: een varkenskop bij de slager, een brood of krakeling bij de bakker, een aambeeld bij een smid, een spiraalvormige zuil met schuine rood-wit-blauwe strepen bij de barbier (nu nog steeds).

Vanaf het eind van de 18e eeuw zien we dat drogisterijen en apothekers een ‘Gaper’ als herkenningsteken gingen gebruiken. Deze gaperskoppen waren in grote verscheidenheid aanwezig maar kunnen in vier groepen worden ingedeeld t.w. Apothekers, Oosterlingen, Geüniformeerde gapers en Narren.

Al deze gapers hebben als gemeenschappelijk kenmerk dat ze de mond wagenwijd openden, het gezicht in een grimas vertrokken en vaak een tong naar buiten staken, waarop een of meerdere pillen lagen. De grimas waarschijnlijk om dat de apotheker ‘bittere’ medicijn maakte. Door de wijdgeopende mond konden de kwalijke ziekteverwekkers verdwijnen en de pilletjes zorgden ervoor dat het weer goed kwam. 

APOTHEKERS waren vaak voorzien van een muts en halsdoek naar de mode van destijds zoals de gaper van Zutphen. De apotheker werkte vaak voor zijn zaak om de kwalijke dampen buiten te houden. De gaper was zijn ‘spiegelbeeld,’ en bedoeld om mensen op afstand te houden zodat ze niet zijn kunsten konden afkijken, hem aangapen.

OOSTERLINGEN kwamen in twee typen voor: de Muzelman en de Moor. De muzelman vaak vertoond met snor of ringbaard getinte huid en kleurrijke tulband. Het waren Moslims uit het noordwestelijk deel van Afrika die in de 19e eeuw voor opium zorgden om medicijnen te maken. De Moor, ook wel Moriaan genoemd, verbeeld met een tulband, oorbellen, oosters gekleed en een nog donkerder huid. Over de herkomst zijn verschillende meningen: contacten van de Verenigde West Indische Compagnie met exotische volkeren, een Bijbelse fantasievoorstelling van Moren en mogelijk een verwijzing naar de herkomst van ingrediënten als Aloë Vera, Arabische gom, senebladen, saffraan, kolokwintappels, kurkuma en opium. 

GAPERS IN UNIFORM dragen een uniform en helm en stellen gezagsdragers voor: Romeinse soldaat, politieagent, brandweerman of veldwachter. Door de toenemende regelgeving op het gebied van medicijnen werd verondersteld dat deze gezagsdragers de naleving van de regels controleerden.

NARREN worden toegeschreven als hulpjes van rondreizende kwakzalvers die op middeleeuwse jaarmarkten publiek ronselde en kunstjes vertoonde om de aandacht af te leiden van de bedottende kwakzalver.

De gapers uit mijn dorp zijn er niet meer. De winkels hebben andere invulling gekregen, het onderhoud kost geld en schilders die deze restauratie beheersen sterven uit.

Ook in andere dorpen en steden worden nog bestaande gapers verwijderd. Zeker als ze een gekleurde huid hebben. Ik las dat een drogist zijn gaper verwijderde na het ‘Zwarte Pieten gedoe’ omdat hij bang was klanten te verliezen.

Gelukkig is er in het Nationaal Farmaceutisch Museum een ‘Gapergalerij’ waar een bonte verzameling van deze fraaie gevelversieringen is te bewonderen.

Mocht er in uw dorp of stad nog een gaper aan een gevel hangen dan zou u mij een groot plezier doen dit aan mij te melden op: edykwak@outlook.com.

De gevel. Foto: Peter van Ooik
Gapergalerij. Foto: Peter van Ooik