
Protesten tegen de geplande komst van windmolenreuzen langs de grens met Winterswijk voorafgaand aan de EUREGIO-raadsvergadering in het LehrWerk in Bocholt.. Foto: Rob Weeber
EUREGIO-raad besteedt aandacht aan windmolenproblematiek rondom Winterswijk
MaatschappijBOCHOLT – De wind waait straks wellicht voor Duitsland vanuit de goede hoek, maar voor Nederland beslist niet. Vooralsnog is het niet zeker dat de geplande tot 250 meter hoge windreuzen langs de grens komen, maar helermaal gerust op de uitkomst zijn de grensbewoners niet. Vrijdag besteedde de EUREGIO-raad in haar raadsvergadering aandacht aan de problematiek rondom de mogelijke komst van de molens.
Door Rob Weeber
De EUREGIO-raad, voorgezeten door de Winterswijkse burgemeester Joris Bengevoord, kan geen besluit nemen over wel of geen plaatsing van windmolens, maar wil wel de communicatie tussen Nederland en Duitsland bevorderen op het thema grensoverschrijdende windenergie. Uitgenodigd waren twee experts die uitleg gaven over de procedures rondom de plaatsing van windmolens. Voor Nederland sprak Vattenfall medewerkster Aafke Volker. Zij legde uit hoe de procedure in Nederland verloopt. Voor Duitsland sprak Verena Busse van het Landesverband Erneuerbare Energie NRW. De twee technische presentaties lieten in ieder geval zien dat het ingewikkelde en langdurige trajecten zijn, waarbij weliswaar communicatie over en weer is, maar wetgeving en beschikbaar grondoppervlak in beide landen verschillen.
Duitsland heeft in de periode 2022-2027 de opgave om 1000 nieuwe windmolens te bouwen. Feit is volgens Busse dat ze achterlopen met de realisatie ervan. In 2045 moet de energievoorziening geheel uit ‘Erneuerbare Energie’ (duurzame energie) bestaan. Nederland wekt volgens Volker op dit moment op land 20 TWh op. De doelstelling voor het jaar 2030 van 35 TWh wordt daarmee gehaald. Echter zijn de ambities van ons land opgeschroefd voor het jaar 2050. Deze ambities moeten nog wel worden uitgewerkt. Reden daarvoor is dat de toekomstige vraag naar energie in eerdere jaren te laag werd ingeschat.
Wederzijdse afstemming
Uit de presentaties bleek dat beide landen het contact met politiek, bewoners en milieugroeperingen zeer serieus nemen en elkaar grensoverschrijdend informeren bij dergelijke gevoelige projecten. Duidelijk werd ook dat ondanks de wederzijdse afstemming, Duitsland naar Duits recht zal besluiten. Daar zit ook de pijn, omdat Berlijn de regels voor plaatsing van windmolens heeft versoepeld en ook de faunawet voor vogels heeft opgerekt. De molens mogen nu dichter bij Natura-200 gebieden staan. Zo’n gebied bijvoorbeeld ligt bij het Woold bij Winterswijk. De protesten tegen de komst van windmolens wijzen in deze op het negeren van Europese regels rondom Natura-2000 gebieden. Een ander probleem is dat Europa geen wetgeving voor afstandsregels kent.
Gelijk instemmingsrecht
Tijdens de bijeenkomst werd duidelijk dat ook Duitse gemeenten langs de grens als Rhede en Südlohn niet blij zijn met de beoogde locatie van dergelijke windreuzen. De Bezirksregiering in Münster heeft een belangrijke stem in wel of geen toestemming, maar is ook aan handen gebonden zolang de Duitse regering geen actie naar nieuwe (Europese) wetgeving in gang zet. Gepleit wordt voor gelijk instemmingsrecht aan beide zijden van de grens. Ook Nederlandse burgers zouden bezwaar moeten kunnen maken tegen de komst van windmolens aan Duitse zijde. Daarnaast moeten elkaars wetgevingen op dit gebied in overeenstemming worden gebracht.
Strengere Nederlandse wet
Ook Berkellands eerste burger Joost van Oostrum was aanwezig. In zijn functie als voorzitter van de EUREGIO-commissie ‘Duurzame Ruimtelijke Ontwikkeling’ pleitte hij in geval van windmolens voor gelijke rechten voor de Nederlandse burger en meer Nederlandse wetgeving in de Duitse, waarbij hij wel erkende dat de Nederlandse wetgeving met betrekking tot plaatsing van windmolens strenger is dan de Duitse. Samenvattend wees de raadsvergadering gepleit op het belang van intensievere communicatie rondom windmolenprojecten en eerlijkere en vooral ook transparantere procedures. Ook verbeterde financiële deelname in de projecten voor burgers werd geopperd.
Ondertussen gaat aan Nederlandse kant het verzet met onder andere Ricarda Kleffel tegen de komst van de windreuzen gewoon door. “We hebben vragen gesteld aan de Europese commissie hoe ze hiermee omgaan en er liggen brieven klaar voor de regering in Den Haag. Er is contact met de regering in Berlijn nodig. Duitsland stapt met eenzijdige plaatsing over de wetgeving van een soeverein buurland heen.”
