Intrekkersdag museum Smedekinck met D.J. Bovenmarsch sr. I en Gerda Klein Wassink, 26 oktober 2006. Foto: Berna Lebbink
Intrekkersdag museum Smedekinck met D.J. Bovenmarsch sr. I en Gerda Klein Wassink, 26 oktober 2006. Foto: Berna Lebbink

Nieuwe Um Zellem blikt terug op ontstaan Smedekinck en traditie naoberschap

ZELHEM – Hoe een oude boerderij aan de Pluimersdijk uitgroeide tot een levendig streekmuseum staat centraal in het nieuwe nummer van Um Zellem. In deze editie kijkt het blad uitgebreid terug op het ontstaan en de ontwikkeling van museum Smedekinck, dat dit jaar het 20-jarig bestaan viert. Ook is er ruime aandacht voor de betekenis van naoberschap in de Achterhoek.

In een hoofdartikel wordt beschreven hoe boerderij Reuterink vanaf 2006 werd omgevormd tot museum. “Er kwamen ontzettend veel taken op ons af”, blikt oud-voorzitter Gerda Wassink-Scheers terug op de beginjaren. Vrijwilligers richtten vertrekken in, bouwden exposities op en maakten van het erf een plek waar Zelhemse geschiedenis tastbaar werd.

Ook de minder bekende voorgeschiedenis krijgt aandacht. Um Zellem beschrijft hoe de voormalige gemeente Zelhem zich inzette om de karakteristieke boerderij te behouden. Dankzij een bijzonder raadsbesluit kreeg het erf een culturele bestemming en daarna kon museum Smedekinck ontstaan. Het museum bewaart en exposeert een omvangrijke collectie van een boereninventaris uit de periode 1900-1960, het organiseert themadagen zoals het Zomerfeest, Oldtimerrit, Slachtvisite en Midwinterhoornwandeling. Daarnaast vinden de educatieve activiteiten voor de jeugd gretig aftrek bij scholen.

Maar er is nog meer, dat blijkt uit het artikel over Museum op Maat. Vrijwilligers bezoeken zorginstellingen met oude gebruiksvoorwerpen, foto’s en verhalen. Herinneringen komen daardoor weer boven. Mantelzorgers vertellen volgens de makers hoe bijzonder het is iemand “weer even zichzelf” te zien.

Daarnaast besteedt deze editie nadrukkelijk aandacht aan naoberschap, een begrip dat diep in de Achterhoekse samenleving geworteld is. In een uitgebreid artikel wordt beschreven hoe burenhulp vroeger vanzelfsprekend was bij geboorte, ziekte en overlijden, en hoe die traditie in de loop der tijd veranderde van plicht naar vrijwillige betrokkenheid. Daarmee laat Um Zellem zien dat lokale geschiedenis niet alleen gaat over gebouwen, voorwerpen en activiteiten, maar ook over waarden en verbondenheid.

Gerda Vleemingh-Looman vertelt over haar vroegste herinneringen aan het ontstaan van de 50-jarige Oudheidkundige Vereniging Salehem. Ze organiseerde vanuit de VVV uitstapjes naar boerenmuseum Tenk. Vakantiegangers en ook schoolkinderen gingen met paard en platte wagen mee naar de Heidenhoek, waar Johan en Hermien Eelderink zorgden voor een gastvrij onthaal. De folkloredansers verzorgden een optreden en er was koffie met krentenwegge en ranja voor de kinderen. Er werden wafels gebakken.

Lees verder over de vrijwilligers die het museum draaiend houden. Zo vertelt Willem Beumer hoe hij meewerkte aan de bouw van het bakhuisje op het terrein. “Hej nog tied?”, is daar een vaak gehoorde vraag om samen nieuwe plannen uit te voeren. Zoals gebruikelijk biedt Um Zellem volop lokale geschiedenis, dialect en herinneringen uit Zelhem en omgeving, waaronder een dialectverhaal over Halle van dit keer Bennie Eenink.

Um Zellem is de kwartaaluitgave van de Oudheidkundige Vereniging Salehem in samenwerking met streekmuseum Smedekinck. Het blad is vanaf 22 mei verkrijgbaar bij museum Smedekinck, Pluimersdijk 5, bij de Read Shop Zelhem en via:


salehem.nl

Boerderij Reuterink, nu streekmuseum Smedekinck in 2005. Foto: Jan Groen