De Achterhoek en Brussel

Burgemeester, van de Achterhoek naar Brussel. Een afstand van zo’n 260 kilometer. Hoe groot is de bestuurlijke afstand en hoe zichtbaar is de Achterhoek in Brussel?
“Europa is voor ons wat dichter bij als je kijkt naar de beide regio’s waaraan wij deelnemen; Gronau en Kleve. Vanuit die Euregio ’s is er best wel betrokkenheid van organisaties en instellingen ook uit Doetinchem bij Europese programma’s, de zogenaamde Interreg middelen. Daar plukken wij ook de vruchten van.”

Delegaties vanuit de Achterhoek bezochten Brussel. Wat wilde men daar bereiken?
“Als het gaat om echte aanwezigheid, om beleidsbeïnvloeding en het binnenhalen van subsidies dan doen we dat toch beperkt. Dat is wel eens nadrukkelijker geweest. Met name op het gebied van plattelandsontwikkeling; voor Doetinchem iets minder Interessant maar voor de Achterhoek wel. De afgelopen twee jaar hebben we heel nadrukkelijk gekeken waar Europa voor ons aantrekkelijk kan zijn en waar we meer gebruik van kunnen maken en vooral ook hoe. Bepaalde thema’s bij ons sluiten best wel aan op Europese ideeën, beleid en uitgangspunten. Bijvoorbeeld over de circulaire economie maar ook de innovatie in onze regio, de doorontwikkeling van de maakindustrie en nieuwe vormen van landbouw. Eigenlijk sluiten zaken die wij hier belangrijk vinden heel goed aan op de Europese programma’s.”

Zijn er voorbeelden van behaalde resultaten?
“Het binnenhalen van geld is nog ingewikkeld. Op Nederlandse schaal zijn we wel een heel herkenbare regio maar op Europees niveau eigenlijk niet. Waar we nu naar kijken is of we wellicht beter samen met andere Oost-Nederlandse regio’s een vuist kunnen maken om onze zichtbaarheid te vergroten en daarmee meer binnen te halen voor onze regio.”

Is er een Achterhoek lobby in Brussel?
“Dat moeten we echt samen met anderen doen. Alleen doen heeft geen zin. We moeten de focus dan richten op wat we gezamenlijk hebben om daarmee Europees geld binnen te halen. Ik denk dat daarmee nog winst te behalen is. Dat kunnen we nog echt beter doen en onze inzet zal daar in de komende tijd dan ook op gericht zijn. In juni gaan we met een delegatie uit Oost-Nederland naar Brussel om daar met de ambtelijke beslissers in gesprek te gaan en te scannen waar onze kansen liggen. Ook gaan we in gesprek met Europarlementariërs die verbonden zijn met onze regio’s. Het Europees parlement is heel erg groot en de dynamiek daar is nogal anders dan in het Nederlandse parlement. Daardoor is het niet zo eenvoudig om iets te bereiken. De lobbydichtheid in Brussel is enorm. In Brussel en vooral rond het Europese parlement struikel je bijna over de lobbykantoren. Als je in Brussel bij de EU actief wordt dan ben je één van de velen. De vraag is dan ook hoe je je wilt onderscheiden van de rest. Steeds meer beleid en dus geld wordt via Europa verdeeld dus het is wel de plaats waar je zichtbaar moet zijn.”

Hoe zichtbaar is Europa in onze regio?
“Ik zou het mooi vinden als Europa nog meer gaat leven in de regio. Elders in Europa zoals in Spanje en Kroatië zie je veel verwijzingen naar de Europese Unie. Hier is dat minder omdat Nederland een nettobetaler is maar daarmee komt de Europese gedachte wel tot leven.”

Wat staat nog op uw verlanglijstje?
“Zoals ik al noemde. Europese ondersteuning voor vernieuwing in de landbouw en voor innovaties in de maakindustrie.”

Tekst: Bert Vinkenborg