
Rivierduinen zetten Gaanderen op de kaart
MaatschappijBewoners presenteren plan voor herstel en herwaardering
GAANDEREN – Ter plaatse zijn ze bij iedereen bekend, ze komen bijvoorbeeld terug in de naam Bultendorpers: zo heette een carnavalsvereniging in Gaanderen. Bulten dus, officieel rivierduinen. Ze geven niet alleen het dorp karakter, ook de wijde omgeving. “De rivierduinen vind je van Doesburg tot in Duitsland.” Uniek, maar bedreigd landschap. Hoogste tijd om de bulten beter te beschermen. Een aantal inwoners is daar al mee begonnen. Niet alleen met denk- en papierwerk: handen uit de mouwen!
Door Sander Grootendorst
Op bezoek bij Eddie Sessink aan de Kerkstraat. Marcel Roelofs is er ook, hij woont even verderop. Ze leggen bevlogen én met kennis van zaken uit hoe de overgebleven rivierduinen kunnen worden gered, en weer aantrekkelijk gemaakt voor mens en dier. “Hier leven de levendbarende hagedis en de hazelworm.”
De kans dat je die twee te zien krijgt, is uiterst klein. De voor rivierduinen kenmerkende biodiversiteit is achteruit gekacheld. Goed, die beide reptielen waren sowieso al moeilijk te vinden, maar wat te denken van patrijzen, fazanten, appelvinken, sijsjes? “Die zaten hier allemaal, en nog veel meer”, zegt Sessink.
Eén vogelsoort is nu overheersend: de roek. Prachtige vogels, intelligent bovendien, maar de kolonie hier op de Mullinksbult is wel érg groot geworden. Met alle herrie en uitwerpselen van dien. Maar dit verhaal gaat niet over roekenoverlast, het is veel breder. En het is inspirerend: “We zijn met buurtbewoners onder leiding van Pieter Westerhof van Bosgroep Noord- Oost-Nederland al begonnen met het verwijderen van exoten: Amerikaanse vogelkers, hemelboom, Japanse duizendknoop.” Drie soorten die de lokale plantengroei verstikken. Sessink: “Het mooie is: door de samenwerking leren de mensen in de buurt elkaar kennen. Daar staan we dan ‘s morgens vroeg met zo’n achttien man. Eerst luisteren naar Pieter, hij weet het heel smeuïg te vertellen. Dan gaan we aan de slag. Het schept een band.”
Zo is het project al meteen een geslaagd voorbeeld van burgerparticipatie. Overheden juichen zulke initiatieven toe: zodat zij kunnen inhaken op wat er speelt in lokale gemeenschappen. “De gemeente Doetinchem heeft ons een contactpersoon toegewezen, dat werkt prima”, zeggen Sessink en Roelofs. “Dit project sluit natuurlijk aan op waar elke gemeente mee bezig is in het kader van de klimaatverandering en het welzijn van de bewoners. In Gaanderen is op zes plaatsen nieuwbouw gepland. In Terborg komt er aan de Gaanderense kant ook een wijk bij. Die groene aders door het dorp, met de duinen als uitgangspunt, zijn dan echt een verrijking.”
Rood zand
De participerende burgers hebben ideeën en enthousiasme te over, maar niet alle noodzakelijke deskundigheid. Om van de financiën nog maar te zwijgen: zonder professionele steun zou het niet lukken, worden geen vervolgstappen gezet. “Hoe vaak belanden rapporten niet in een la?”, zegt Roelofs. Hij verwijst naar een rapport uit 2014, waarin de wijkbewoners ook al een groot aandeel hadden. Het beschrijft de mogelijkheden om de resterende duinen op te waarderen en zelfs om ze opnieuw aan te leggen op plekken waar ze werden afgegraven.
Zand was en is gewild materiaal. Rood zand, afkomstig van de bulten, is in de omtrek op diverse plekken toegepast. Zoals voor de ‘egalisering en ophoging van het Hamburgerboek’. Daarvoor was een ‘enorme hoeveelheid zand benodigd’, stelde de gemeenteraad destijds. “Tegenwoordig zou dat niet meer gebeuren”, zegt Sessink. De duinen zetten Doetinchem op de geologische kaart. Die wil je behouden, ook uit oogpunt van toerisme. De bulten vormen nog steeds een illuster rijtje met onder meer de Paasberg in Terborg en de heuvels in de Kruisbergse bossen en Hoog-Keppel. Het zou volgens de initiatiefnemers geweldig zijn als die samenhang, dat parelsnoer, echt ‘beleefbaar’ zou worden.
Maatwerk en geduld
Zulke plannen vereisen maatwerk en geduld. Je hebt te maken met meerdere grondeigenaren en met tegenstrijdige belangen. Het gebied ten noorden van de Mullinksbult heeft een landbouwfunctie. Maar een landschappelijk vloeiende overgang naar de duinen moet mogelijk zijn. Bewoners die even verderop zelf 1,7 hectare als natuurgebied hebben ingericht, sluiten dan weer naadloos aan op wat het project beoogt.
Oude foto’s tonen wat verloren ging én wat nog te behouden valt. Een bijschrift valt op: “De Gaanderensche bulten verdwijnen, wat veelen uit een oogpunt van natuurschoon jammer oordelen.” Het staat bij een foto van het afgraven van de Thusbult. In wezen was dat ook het afgraven van een geschiedenis: “Het dorp Gaanderen heeft een lange en rijke historie. Eigenlijk speelde het leven zich eeuwenlang af op en rondom de rivierduinen.”
Maar het is nog niet te laat. De herinneringen in het hoofd van Sessink en Roelofs zijn nog tastbaar. Voor de jongens Eddie en Marcel vormde de Mussinkbult ‘een ideale speelplaats’. “We waren altijd buiten.” Ze kennen elke vierkante centimeter, waarschuwen bij een wandeling over de bult al van een afstand voor een mogelijk struikelpunt. “Hier hebben we stiekem gerookt”, zeggen ze. En: “Die eik daar is voor hakhout gebruikt, dat kun je nog zien aan de vorm.”
Sanatorium
Je wandelt anno nu niet meer door de foto die Roelofs toonde: de zandduinen als een schilderij uit de romantiek. Dennenbos, met schraal (maar daarom juist zo bijzonder) begroeide bodem. Door het verwijderen van de wildgroei, onder meer van bramen, krijgt de vegetatie van weleer weer een kans. We bereiken de bosrand. Sessink: “Hiervandaan zag je tot aan Westendorp greppeltjes en heggen liggen.” Roelofs: “’s Winters stond het altijd onder water, er werd volop geschaatst.”
Vrijwel vergeten historie: sanatorium Zonneheuvel, op de bult achter Sessinks woning. “Het heeft maar kort bestaan, in de jaren dertig van de vorige eeuw. Er stonden zes of zeven huisjes op roteerbaar platform. ‘Tentjes’ werden ze genoemd. Voor tbc-patiënten, vanwege de gezonde lucht. Er was ook een schooltje, kijk, het fundament is nog aanwezig.” Zo zet de herwaardering voor de duinen Gaanderen, en daarmee Doetinchem, op de biologische, geologische, sociale, toeristische én cultuurhistorische kaart.
Meer weten over de plannen? Kom dan op vrijdag 12 december naar sporthal De Pol voor een uitgebreide presentatie. Aanvang 20.00 uur.










